+31 (0)20 – 6618135 info@maussenfc.com

eft relatietherapie

De code van de liefde gekraakt

Ze zag duizenden ruziënde stellen, en analyseerde wat er gebeurde. Psycholoog Sue Johnson is de bedenker van EFT, de snelst groeiende vorm van relatietherapie in Nederland.
Geschreven door Iris Pronk.

Sue Johnson

Zij is klein, donker en temperamentvol, haar man lang, knap en zwijgzaam. Samen vormen Mia en Ken een aantrekkelijk stel: begin dertig, zes jaar getrouwd, allebei een leuke baan, nog geen kinderen, ook nog geen burn-out, midlife crisis, ziekte of sterfgevallen in de familie. Wat doen deze twee jonge mensen, die trouwens veel van elkaar houden, in de spreekkamer van de relatietherapeut?
Het is geen willekeurige spreekkamer waarin Mia en Ken zich bevinden; voor hen zit klinisch psycholoog Sue Johnson, hoogleraar aan twee universiteiten (in Canada en de Verenigde Staten) en autoriteit op het terrein van de liefde.
Zij observeert Ken, “die buitengewoon geboeid lijkt te zijn door het vloerkleed onder zijn voeten”, terwijl Mia haar lippen samenknijpt, naar haar man wijst en sist: “Daar zit het probleem, recht voor je. Hij zegt nooit wat en ik word er doodziek van! Ik word razend van dat zwijgen. Alles in onze relatie komt op mij neer. Ik ‘doe’ alles al en het wordt steeds meer en meer. En als ik het niet deed…” Ken zucht diep en bestudeert nu de muur.
Deze scène komt uit het boek ‘Houd me vast. Zeven gesprekken voor een hechte(re) en veilige relatie’ (2009), waarvan in Nederland 55.000 exemplaren zijn verkocht. In dit boek en het zojuist in vertaling verschenen ‘Love sense’ (‘Laat me niet los’) ontvouwt Johnson de relatietherapie die zij ontwikkelde: EFT, oftewel Emotionally Focused Therapy. Haar aanpak krijgt in Nederland rap navolging: er zijn inmiddels meer dan vierhonderd EFT-therapeuten opgeleid. De Stichting EFT Nederland vierde afgelopen week haar vijfjarig bestaan met een groot congres in Nieuwegein; Johnson kwam het openen en sluiten. Wat verklaart de populariteit van haar therapie?
Deze scène komt uit het boek ‘Houd me vast. Zeven gesprekken voor een hechte(re) en veilige relatie’ (2009), waarvan in Nederland 55.000 exemplaren zijn verkocht. In dit boek en het zojuist in vertaling verschenen ‘Love sense’ (‘Laat me niet los’) ontvouwt Johnson de relatietherapie die zij ontwikkelde: EFT, oftewel Emotionally Focused Therapy. Haar aanpak krijgt in Nederland rap navolging: er zijn inmiddels meer dan vierhonderd EFT-therapeuten opgeleid. De Stichting EFT Nederland vierde afgelopen week haar vijfjarig bestaan met een groot congres in Nieuwegein; Johnson kwam het openen en sluiten.

Wat verklaart de populariteit van haar EFT relatietherapie?

Misschien deels de microscopische nauwgezetheid waarmee Johnson de verbale en fysieke reacties van ongelukkige geliefden observeert en analyseert. Ze zag duizenden ruziënde stellen, live en op tape: jonge paren als Mia en Ken, maar ook oudere koppels die veel meer tijd hadden gehad om elkaar te verwonden. Mannen en vrouwen gaan vreemd, trekken zich terug, verliezen contact, laten elkaar stikken op cruciale momenten – tijdens het sterfbed van hun schoonmoeder of de eerste uren van de bevalling. Duizenden zeer diverse mensen, met hun eigen particuliere conflicten en hang-ups, waarin toch opvallend vaak dezelfde, blijkbaar universele patronen zijn te herkennen.

Johnson noemt die patronen ‘dansen’; een aansprekende metafoor die mogelijk ook bijdraagt aan haar succes. Liefdevolle partners die elkaar begrijpen, steunen en opvangen, zijn als ervaren tangodansers: samen één, mooi om naar te kijken. Maar koppels als Mia en Ken dansen een veel minder elegante ‘protest-polka’: zij zitten volgens Johnson gevangen in ‘een patroon van achtervolging en protest’.
De Mia’s bekritiseren hun man, oefenen druk op hem uit, zoeken toenadering, klagen op luide toon als dat niet lukt. Ze zeggen dingen als: ‘Ik had hem toen juist zo nodig, maar hij bleef afstandelijk, alsof het hem niet kon schelen. Mijn gevoelens telden niet voor hem, hij schoof ze gewoon opzij’.
Intussen voelen de Kens zich doodongelukkig. Zij denken: ‘Ik kan het toch nooit goed doen voor haar, dus geef ik het maar op. Het is hopeloos.’ Of: ‘Ik voel me een nul in onze relatie. Een mislukkeling.’ Of: ‘Ik kom helemaal onder aan haar lijstje, na de kinderen, het huis en haar familie. Zelfs de hond komt nog eerder dan ik!’
De gewone kijker ziet twee boze, gefrustreerde mensen, die elkaar niet begrijpen en misschien helemaal niet meer bij elkaar passen.

Een hechtingsbril

Maar Johnson en andere EFT-therapeuten bekijken de Mia’s en Kens door ‘een hechtingsbril’. De hechtingstheorie die de Britse psycholoog John Bowlby ontwikkelde om de relatie tussen ouders en hun kinderen te beschrijven, is de kern van EFT. Kinderen moeten zich veilig aan hun ouders kunnen hechten om zich te kunnen ontwikkelen tot evenwichtige persoonlijkheden. ‘Veilig’ betekent dat ze een emotionele en fysieke band met hun ouders voelen, dat ze altijd bij hen terecht kunnen.
Johnson heeft Bowlby’s beroemde hechtingstheorie vertaald naar liefdesrelaties: ze gelooft dat partners idealiter elkaars ‘emotionele schuilplaats’ zijn, dat ze elkaars ‘hechtingsbehoefte’ vervullen, dat wil zeggen: dat ze zich gewaardeerd, belangrijk en geliefd voelen. “Als volwassene verplaatsen we die behoefte gewoon van onze eerste verzorger naar onze geliefde”, schrijft ze in ‘Laat me niet los’, dat zich laat lezen als het theorieboek bij ‘Houd me vast’. En: “Een veilige liefde is een open kanaal voor emotionele oproepen over en weer.” Mia en Ken verstaan elkaars oproepen (nog) niet, maar verlangen ten diepste naar hetzelfde: geborgenheid en de zekerheid dat ze voor de ander nummer één zijn. Ze willen eigenlijk weten: Ben jij er voor mij? Kan ik op je rekenen? In twaalf tot twintig therapiesessies leren ze hun ‘hechtingsbehoeften’, zoals dat in therapeutenjargon heet, herkennen en met elkaar bespreken.

Het inzicht dat liefde draait om emotionele verbinding is volgens Johnson ‘baanbrekend’. In ‘Laat me niet los’ verklaart ze EFT relatietherapie in ronkende zinnen zelfs tot een compleet nieuwe, revolutionaire liefdeswetenschap. Dat typisch Amerikaanse zelfvertrouwen roept bij Nederlanders nog wel eens weerstand op, weet Christien de Jong, psycho- en relatietherapeut te Amsterdam. Toch is zij echt ‘gegrepen’ door EFT relatietherapie, omdat deze therapie zich concentreert op het ‘fundament’ van een relatie, de “palen die het huis stutten”.

Andere vormen van relatietherapie richten zich volgens De Jong op de “scheuren in de muur en de deuken in het dak”; op verandering van communicatie en gedrag. In een traditionele relatietherapie krijgen stellen huiswerkopdrachten: ga samen op de bank zitten, luister goed, reageer niet meteen met een oordeel, vat samen wat de ander gezegd heeft. EFT gaat veel dieper, aldus De Jong: “Je wilt de binnenwereld van beide partners leren kennen. Je probeert bij de onderliggende behoefte te komen en die onder woorden te brengen. Als dat lukt, dan kunnen de liefde en vriendschap weer terug komen bij stellen. Dat is heel ontroerend om te zien.”

Zaligmakend is EFT relatietherapie niet, stelt De Jong; lang niet alle relatieproblemen zijn ermee te fixen. “Uit onderzoek van de Amerikaan John Gottman blijkt dat 60 à 70 procent van de items waarmee stellen worstelen, nooit van tafel verdwijnt. Wel kun je iets doen aan de manier waarop je over die items communiceert.” Een relatietherapeut moet volgens haar ook “uit meer vaatjes kunnen tappen”. “Je moet van blik kunnen wisselen, niet alleen maar door de EFT-bril kijken. Zo’n luister- en samenvatoefening kan voor sommige mensen wél goed werken.”
Maar dat Johnson te veel nadruk zou leggen op afhankelijkheid tussen partners, zoals critici wel beweren, daar is De Jong het niet mee eens. “In EFT breng je geen klefheid op gang, maar je probeert de veiligheid tussen partners te herstellen, zodat ze weer autonoom kunnen zijn. In een goede liefdesrelatie zeg je niet alleen ‘Hou me vast’ maar ook ‘Geef me de ruimte’.”

Dit stuk komt uit dagblad Trouw.

Share This